Een nachtje in een uitvaartcentrum

Altijd al een keer in een crematorium of uitvaartcentrum willen slapen? Nee, dat wil natuurlijk niemand. Toch ging Nerd13 de uitdaging aan toen Monuta Tom van Dijk en het crematorium van Tilburg de kans boden om er een nachtje door te brengen. Toen er vorig jaar iemand twee dagen achter elkaar bij het crematorium moest zijn en opperde dat “ze wel had kunnen blijven slapen”, begon er iets bij de organisatoren te borrelen en voilà: beide gebouwen werden geopend voor nachtelijk publiek.

De eerste uitdaging was het bij elkaar sprokkelen van de logeerspullen; een matje halen bij de schoonouders en maar liefst twee slaapzakken bij de ouders. Want wie weet hoe koud het daar is. Een eigen kussen mee voor als de heimwee opspeelt en niet een pyjama vergeten, zodat er niet midden in de nacht in alleen een onderbroek op zoek naar een wc moet worden gegaan. Want daar wordt niemand blij van. De tweede uitdaging was een keuze die gemaakt moest worden: slaap je liever in het uitvaartcentrum, het crematorium of heb je geen voorkeur? Het crematorium klinkt spannender, maar het uitvaartcentrum is misschien een plek waar je beter kan slapen. Vanwege de twijfel werd het ‘geen voorkeur’ en de organisatie vond het uitvaartcentrum de beste plek voor de eerder genoemde logeerspullen.

Afgelopen zaterdag was het dan zover. De auto was volgeladen en iedereen was op de hoogte gebracht van deze wilde plannen. En toen sloeg de twijfel toe; waarom zou iemand daar gaan slapen als je ook gewoon lekker op de bank kan gaan zitten en in je eigen bed kan liggen? Steeds meer kwam het besef dat het allemaal wel heel veel op het begin van een horrorfilm begon te lijken. Misschien zit de uitvaartondernemer wel zonder werk en probeert hij op deze manier klanten te creëren. Misschien zijn er geesten die ’s nachts lastig worden. Of misschien zit er tussen de andere deelnemers wel een psycho met een ziekelijke honger naar mensen in een oven duwen? Genoeg redenen om niet te gaan, toch?

Maar goed, de aanmelding was er nu eenmaal al en na wat uitstelgedrag en een paar minuten onzekerheid op de parkeerplaats werd er toch een bedje klaargemaakt in één van de spreekkamers van het uitvaartcentrum. Op een plek waar troost en verdriet centraal staan, heerst ook een warm, welkom gevoel; de twee verdiepingen staan vol met echte houten tafels, gedempt licht en tapijt om lawaai te voorkomen. Een groot verschil met de klinische voorbereidingskamer die tijdens een rondleiding getoond wordt of met de koude garage waar overledenen binnen worden gebracht. Quasi nonchalant wordt nog even verteld dat dit vannacht ook kan gebeuren en dat er al twee aanwezig zijn in de gekoelde ruimte (die logischerwijs verboden toegang is).

De route wordt via de begraafplaats voortgezet. Naast een urnenmuur en een strooiveld, zijn er ook graven voor kisten en urnen. Ze worden fel verlicht door de bouwlamp op de camera waarmee de aanwezige pers achter het gebeuren aan loopt. In sneltreinvaart is de volgende bestemming al bereikt; het crematorium. Ook hier zouden tien mensen vannacht hun intrek nemen. Keuze uit verschillende aula’s, koffiekamers of de ovens. De ovenruimte blijkt populair en dat is terecht. Twee indrukwekkende, industrieel uitziende gevaartes trekken meteen de aandacht. De gedachte dat hier echt het laatste moment is dat je met een dierbare samen kan zijn, zorgt voor kippenvel. Blijkbaar zorgt het bij anderen voor een rustgevend gevoel en kunnen ze er lekker slapen.

Ondertussen is het al na middernacht. De moeheid begint behoorlijk op te spelen en dan is het nog de bedoeling om een klankensessie bij te wonen (lees: met je ogen dicht op een bank zitten terwijl iemand anders zachtjes tegen verschillende voorwerpen aan slaat). Maar dat klinkt te oneerbiedig, want het was echt wel ontspannend, ook al waren er mensen om je heen bezig met hun luchtbedjes opblazen en of met hun pyjama aan doen. Al knikkebollend vloog de sessie voorbij en al vechtend tegen de slaap wordt er, voor degene voor wie dat van toepassing is, een weg terug gezocht naar het uitvaartcentrum door het doolhof wat crematorium heet. De lange, witte gangen lijken allemaal op elkaar en je komt regelmatig in een andere aula terecht in plaats van buiten. Met wat hulp wordt de buitenwereld dan toch gevonden en begint er, hoe toepasselijk, nog een lantaarnpaal te knipperen om daarna maar compleet uit te vallen op het moment dat er onderdoor gelopen wordt.

De klok slaat bijna twee uur en het is ook echt tijd om te gaan slapen. Eenmaal in de ‘slaapkamer’ voelde niets goed; licht aan, licht uit, licht gedempt, bed in de linkerhoek, rechterhoek, achter de tafel, bij de archiefkast, noem maar op. Uiteindelijk wordt er met het licht uit onder het raam geslapen. Nou ja, eigenlijk werd er niet geslapen. Of het nu de locatie was, het vreemde matje, het feit dat er lichamen in de buurt lagen of de gedachte dat er iets zou kunnen komen spoken; er werd geen oog dicht gedaan. Het raam werd open gezet, zodat vreemde geluiden verklaard konden worden en ook de gordijnen bleven open, zodat er een soort van licht was en schimmen uitgesloten konden worden. Er is niks geks of spannends gebeurd, maar toch is elk uur op de klok gezien. Schaapjes tellen, ogen dichtknijpen, niets hielp en het duurde dan ook eindeloos voordat er opgestaan kon worden voor het ontbijt. Daar waren de wildste verhalen te horen over mensen die vossen hadden gezien, tot 04:00 uur door de gangen van het crematorium hadden gespookt of juist gewoon heerlijk hadden geslapen.

Vergeet niet dat het die week ‘De week van de Dialoog in Tilburg’ was en dat er ook zeker werd verwacht dat er over onze nachtelijke avonturen gepraat zou worden. Met drie gespreksleiders wordt de groep in drie kleine groepen verdeeld en verspreidt over de locaties. Wat mag je vertellen? Waarom je er bent en hoe je nacht was. Voor de rest geldt dat er geluisterd moet worden en dat je niet mag oordelen. Wat tijdens het dialoog opvalt is dat er veel mensen uit de business zijn die allemaal, qua werk, een stapje verder willen gaan. Ook zijn er een aantal mensen die gewoon van een dialoog voeren houden en dit graag op gekke plekken doen en ook is er een eenling die wil weten of ze midden in de nacht lastig gevallen zal worden door geesten of iets anders (spoiler: ik dus, maar ook om te weten of ik op zo’n plek met allemaal onbekende mensen zou kunnen slapen). Gelukkig zijn er meer mensen die bijna geen oog dicht gedaan hebben en ook zijn er een aantal die blij waren dat ze niet in het uitvaartcentrum hoefden te slapen vanwege de lichamen die er lagen.

De vraag’ Zou je dit aan iemand aanraden?’ wordt gesteld. Er is niemand die echt een nachtje in een uitvaartcentrum kan gebruiken, dus nee. Wel moet je nieuwe ervaringen niet laten schieten, omdat je er misschien bang voor bent (voor geesten of een groep onbekende mensen bijvoorbeeld), dus mocht je ook de kans krijgen om dit te doen dan zou ik het zeker doen. Ook ik zou een volgende keer weer mee doen, maar dan zou ik nu in het crematorium willen slapen om te kijken of het gevoel daar hetzelfde is of juist helemaal anders. Maar voorlopig niet, voorlopig is mijn eigen bed goed genoeg.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Ook wij maken gebruik van cookies. Lees even verder als je daar meer over zou willen weten. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten